Kennisbank
11 onderwerpen, elk met de gewenste situatie en de fouten die we in onze audits het vaakst tegenkomen. Kort genoeg om na te slaan terwijl je een document nakijkt.
De volgorde is die van de controle en niet die van het alfabet. Tags staan vooraan omdat de rest ervan afhangt: zonder tagstructuur is er geen kop, geen lijst en geen tabelkop om naar te kijken. Titel en taal staan in de metadata en worden ook gelezen bij een document zonder tags.
-
Tags
1.3.1 Info en relaties (A)
De tagstructuur is de laag waarin staat wat een kop is, wat een lijst is en in welke volgorde de tekst gelezen wordt. Hulpsoftware leest die laag en niet de pagina.
-
Titel
2.4.2 Paginatitel (A)
Een PDF heeft een documenttitel in de metadata, los van de bestandsnaam. Die titel leest een schermlezer voor zodra je het document opent, en hij staat in de titelbalk van de lezer.
-
Taal
3.1.1 Taal van de pagina (A)
Een schermlezer kiest zijn uitspraak op de ingestelde taal van het document. Staat er geen taal, dan valt hij terug op de taal van het systeem van de lezer, en dan wordt een Nederlands document met een Engelse stem voorgelezen.
-
Koppen
1.3.1 Info en relaties (A)
Koppen zijn waarmee iemand met een schermlezer door een document navigeert. In een PDF zijn dat de tags /H1 tot en met /H6.
-
Lijsten
1.3.1 Info en relaties (A)
Een lijst in een PDF is een /L-tag met daarin /LI-items, en in elk item een /LBody met de tekst en soms een /Lbl met het opsommingsteken.
-
Tabellen
1.3.1 Info en relaties (A)
In een gegevenstabel staan de kopcellen als /TH getagd. Dan hoor je bij elke cel bij welke kolom en rij hij hoort. Zonder die koppen hoor je een reeks losse getallen.
-
Afbeeldingen
1.1.1 Niet-tekstuele content (A), 1.3.1 Info en relaties (A), 1.4.5 Afbeeldingen van tekst (AA)
Een afbeelding heeft een tekstalternatief, of is als artefact gemarkeerd zodat hulpsoftware hem overslaat.
-
Tekst en leesvolgorde
1.3.1 Info en relaties, 1.3.2 Betekenisvolle volgorde, 1.3.3 Zintuiglijke eigenschappen, 3.3.7 Overbodige invoer (alle A)
De tagstructuur legt ook vast in welke volgorde de tekst gelezen wordt, en die volgorde staat los van hoe het op de pagina staat. Bij twee kolommen naast elkaar kan de tagvolgorde regel voor regel van links naar rechts lopen, terwijl je visueel eerst de hele linkerkolom leest.
-
Navigatie en links
1.3.1 Info en relaties, 2.1.1 Toetsenbord, 2.4.4 Linkdoel (in context) (alle A), 2.4.5 Meerdere manieren (AA)
In een lang document wil je kunnen springen in plaats van alles doorlopen. Daar zijn bladwijzers voor, en een inhoudsopgave met verwijstags.
-
Kleur en contrast
1.4.1 Gebruik van kleur (A), 1.4.3 Contrast (minimum), 1.4.11 Contrast van niet-tekstuele content (allebei AA)
Tekst heeft genoeg contrast met de achtergrond, en informatie zit nooit alleen in kleur. In een grafiek met een legenda die alleen op kleur werkt, valt de hele grafiek weg voor wie kleuren niet onderscheidt.
-
Invulbare formulieren
1.3.1 Info en relaties, 4.1.2 Naam, rol, waarde (allebei A)
Een PDF kan invulvelden bevatten: tekstvakken, keuzerondjes, keuzelijsten en knoppen. Voor wie met de muis invult, is een veld een rechthoek waar je in klikt.
Waar dit vandaan komt
Uit de kennisbank van Proper Access, waar per onderwerp een dossier staat met de bron bij elk probleem: de eigen bevindingenwiki, het Luxemburgse toetskader RAPDF, het Matterhorn Protocol, en tellingen over de 32 documenten van onze toetsbank. De aantallen die je hier ziet ("21 keer in 43 documenten") komen uit onze eigen audits.
Wat de tool van deze onderwerpen zelf nakijkt en waar hij ophoudt, staat op Wat we controleren.